Chocoladebroodjes met spek en kaneelbroodjes met blauwe bessen

Als jullie dit lezen zit ik in Oostenrijk. Maar daarvoor ruim met mijn neus in de tassen, winterkleren, snowboots, boeken, speelgoed en andere zooi. We zijn een weekje naar de sneeuw. En dus was het weer de grote verzamel, prop en “gaat alles wel passen” show. Het is mijn tweede vakantie richting de sneeuw want ik ben normaliter meer een zomermens. De eerste keer naar de sneeuw was naar Zweden en daar heb ik een hoop geleerd.

Dat je bijvoorbeeld je gehuurde sneeuwkettingen thuis moet passen omdat ze wel eens niet zouden kunnen passen op de bij hetzelfde bedrijf gehuurde winterbanden. Dat zand een redder kan zijn als je auto langzaam een berg en boerenschuur in dreigt te glijden maar dat net niet doet omdat de berm behulpzaam bleek te zijn. En overigens ook dat Elanden niet alleen oversteken bij de bordjes die voor ze waarschuwen maar ook gewoon zomaar uit een bos komen stappen. Erg indrukwekkend. Verder leerde ik dat spikes onder je bergschoenen erg handig zijn bij iemand die zonder deze dingen over het ijs loopt als een bejaarde pinguïn. Het was echt hilarisch dat loopje. In ieder geval dat vertelde mijn meegereisde gezelschap mij toen ze mij lachend nawezen. Het klinkt nu als een wat heftige vakantie maar ik heb enorm genoten van dat witte wonderland en de kou. Maar ook dat je jezelf iets anders moet voorbereiden op de weersomstandigheden.

Oostenrijk dus. Ik kan niet skiën dus daarom ga ik niet. Dat laat ik ook graag aan anderen over. Ik heb het wel geprobeerd hoor. Pizzapunt en poepen (de skiërs onder de lezers van deze blog weten wat ik bedoel). Maar de hoogte is mijn probleem. Dat ik op twee latjes de diepte in ga is al genoeg voor mij om het zweet en andere lichaamssappen door mijn skipak te laten lopen. Een indoorhal gaat nog qua hoogte. Maar de bergen, het gevoel van oneindige diepte en niet kunnen remmen op die latjes dat werkt niet. Wandelen op de bergen is dan weer geen enkel probleem. Ik weet het, rare jongen ben ik toch.

Maar we gaan er heen om gewoon even een weekje tot rust te komen. Te sleeën, wandelen, spelen, sneeuwpoppen te maken en schnitzels en ander Oostenrijks gebraad te eten. En ik wil boeken lezen die ik afgelopen tijd heb verzameld en geduldig onder een hoopje stof op mij heb laten wachten. Boeken met verhalen en geen recepten deze keer. Even niets moeten een weekje. Heerlijk.

Jullie hoeven mijn recepten trouwens niet te missen. Mijn blogs staan gewoon voor jullie klaar. Zodat jullie voorzien zijn van de twee gebruikelijke porties per week aan gezwets en recepten.

Het recept voor vandaag is simpel, zo enorm smakelijk en enorm geschikt bij een (kerst)lunch of (kerst)ontbijt. Ik maakte van kant-en klaar croissantdeeg, blauwe bessen kaneelbollen en ook chocoladebroodjes met gebakken spekjes. Want chocolade en spek zorgen voor een heel gelukkig huwelijk samen. Het lijkt dus misschien een vreemde combi maar man o man wat passen die goed bij elkaar.

Eén rol super-croissantdeeg is geschikt voor 12 kleine broodjes. Ik beschrijf geen hoeveelheden beleg deze keer want het is aan jou welke variant je maakt en hoeveelheden je gebruikt. Zorg gewoon dat je de ingrediënten in huis hebt en ga lekker los hierop en maak zoveel als je wilt. Genieten voor groot en klein, ook het samen maken met kinderen is erg leuk overigens ;). Enjoy en kookon!

Wat heb je nodig:
1 blik super croissants (voor 6 kaneelbroodjes en 6 chocoladebroodjes) ik gebruikte Danerolle.

Voor de kaneelbroodjes:
Smeerbare roomboter (kamertemp)
Lichtbruine basterdsuiker
1 hand blauwe bessen (diepvries)
Kaneel

Voor de chocoladebroodjes:
Stukjes katenspek of kleine blokjes spek
Nutella
Poedersuiker

De how to:
Verwarm de oven voor op 200 graden of 180 graden voor een hetelucht.

Rol de rol deeg uit in één lange lap van links naar rechts en snijd het deeg bij de helft doormidden zodat je twee lange deeglappen hebt.

Smeer roomboter op de ene deeglap en bestrooi royaal met lichtbruine basterdsuiker en daarna royaal met kaneel. Leg over de gehele lengte (horizontaal) blauwe bessen neer op he deeg en rol het deeg van boven naar beneden er overheen (dus niet van links naar rechts) zodat je één lange rol krijgt. Rol tweemaal op en leg nog een rij blauwe bessen horizontaal in de lengte van het deeg en rol nu helemaal op. Snijd de deegrol nu in zes delen. Zet elk rolletje rechtop druk elk rolletje plat tot een dikte van circa 3 cm en leg op een vel bakpapier. Druk her en der nog een verdwaalde bes in het deeg en leg de broodjes in de oven en bak voor circa 20 minuten of tot goudbruin en aan de onderkant ook droog. Besprenkel met wat suiker en kaneel.

Besmeer de andere deeglap geheel met nutella en bestrooi met stukjes spek. Rol het deeg op (van boven naar beneden en niet van links naar rechts) en snijd de rol daarna in zes stukken. Zet de rolletjes rechtop en druk ze plat tot circa 3 cm. Leg op een vel bakpapier en bak voor circa 20 minuten tot goudbruin en aan de onderzijde droog. Bestrooi daarna met wat poedersuiker.

kaneelbroodjes chocoladebroodje1

kaneelbroodjes chocoladebroodje2

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *